Slider

VMBO basis en kader

De afkorting VMBO, staat voor voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs. De leerlingen die voor het VMBO kiezen, zijn doorgaans praktisch ingesteld. De niveaus waarop het vmbo gevolgd kan worden zijn basis of kader.

Coach

De coach heeft een belangrijke rol in de begeleiding van de leerlingen. Elke leerling heeft een persoonlijke coach die aanspreekpunt is voor zowel de leerling als de ouders. De leerling heeft op eigen initiatief of dat van de coach regelmatig een gesprek met de coach waarin verschillende zaken aan bod kunnen komen; de voortgang van de leerling, het welbevinden, eventuele problemen die spelen e.d. De leerling staat centraal in deze gesprekken en zal gecoacht worden om zoveel mogelijk zelf zijn leerproces in handen te nemen. Minimaal twee keer per jaar is er een gesprek met de ouders, leerling en coach. Indien nodig is er vaker contact met ouders. Voor ouders is de coach altijd het eerste aanspreekpunt op school.

Vmbo 1 en 2

Op de OSG starten de brugklassers met een uitgebreid introductieprogramma om de school, hun persoonlijke coach, hun klasgenoten en het reilen en zeilen van deze nieuwe wereld te leren kennen. Ook de hogere klassen hebben een introductieprogramma maar deze is wat korter dan die van de brugklassers omdat zij de school en de klasgenoten al kennen.

Als leerlingen met een vmbo-advies van de basisschool komen, starten ze op de OSG in een brugklas met zowel vmbo-basis, vmbo-kader- en mavo-leerlingen. De leerlingen krijgen op hun eigen niveau les. De eerste twee jaar zijn gericht op de brede ontwikkeling van de leerling en het voorbereiden op de profielkeuze.

De leerlingen krijgen in de brugklas de volgende vakken: Nederlands, Engels, wiskunde, mens en maatschappij (aardrijkskunde en geschiedenis), mens en natuur (biologie en natuurkunde), lichamelijke opvoeding, kunst en cultuur en dienstverlening en producten (D&P), muziek, cultuur en participatie.

Dienstverlening en Producten is sinds 2017 geïntroduceerd in de onderbouw. D&P is het beroepsgerichte examenvak in klas 3 en 4. In het vak D&P komen leerlingen op allerlei manieren in contact met de beroepen om hen heen. Zo worden er vaardigheden geoefend op school, worden er uitstapjes naar bedrijven gemaakt en worden er gastlessen op school gegeven. Vanuit de overheid wordt Loopbaan oriëntatie en Begeleiding (LOB) gestimuleerd om leerlingen voor te bereiden op hun werkzame leven na hun schoolperiode. Vragen als: wie ben ik, wat kan ik, wat wil ik zijn in de LOB belangrijk om te onderzoeken. In het vak D&P komt dit tot uiting.
In de doorstroomnormen kunt u lezen aan welke criteria de leerling moet voldoen om naar de volgende klas te worden bevorderd en welke eisen er aan overgang naar een hoger (of lager) niveau worden gesteld.

De maatschappelijke stage op OSG de Hogeberg is in de onderbouw een verplicht onderdeel van het lesprogramma. Iedere leerling wordt verwacht in totaal 30 uur aan maatschappelijke stage te doen. De OSG wil graag dat haar leerlingen leren om ook iets voor de maatschappij te betekenen. In de eerste en tweede klas worden de stages in georganiseerd verband gedaan, in de derde klassen gebeurt dit individueel. In de eerste klas doen de leerlingen mee aan het Green Bag Lady project waarbij de leerlingen stoffen tasjes naaien om het gebruik van plastic tassen terug te dringen. In het tweede jaar doen de leerlingen mee aan Day for Change. Hiervoor maken de leerlingen een bedrijfsplan om een bedrijfje te starten met als doel geld in te zamelen voor een goed doel.

In klas 2 kiezen de leerlingen van basis en kaderniveau binnen het profiel Dienstverlening en Producten, naast de verplichte vakken Nederlands en Engels, maatschappijleer, lichamelijke opvoeding en KV1, twee van de vier AVO-vakken wiskunde, biologie, economie of natuur/scheikunde.

Vmbo 3

In dit jaar worden de verschillende tussen basis en kader duidelijker.
De basisberoepsgerichte leerweg vmbo: Leerlingen volgen gemiddeld 10 uur per week een beroepsgericht programma en doen daarnaast examen in vier theorievakken. Een diploma basisberoepsgerichte leerweg geeft toegang tot een mbo-niveau 2 opleiding. De kaderberoepsgerichte leerweg vmbo: Leerlingen volgen gemiddeld 10 uur per week een beroepsgericht programma en doen daarnaast examen in vier theorievakken. Een diploma kaderberoepsgerichte leerweg geeft toegang tot een mbo-opleiding niveau 3 en 4.
In dit jaar vervullen de leerlingen nog een aantal uren van hun maatschappelijke stage. Leerlingen organiseren nu zelf een stageplek. Dit betekent dat ze iets voor een ander doen zonder dat ze daarvoor betaald worden. Dat kan door mantelzorg, helpen bij een vereniging, school, buurthuis, evenement, verzorgingshuis, instelling of bedrijf dat maatschappelijk verantwoord onderneemt.

Beroepsgericht programma

In dit programma, leren de leerlingen tijdens de opleiding kennis, vaardigheden en houdingen aan, die in alle soorten werk nodig zijn. Hierbij vormen onder andere diverse stages een belangrijk onderdeel. Sinds het schooljaar 2017/2018 is het vernieuwde VMBO ook op de OSG ingevoerd. Er is gekozen om het profiel Dienstverlening en Producten (D&P) aan te bieden, omdat dit profiel met zijn modules het beste aansluit bij de vraag vanuit de directe omgeving. Leerlingen oriënteren zich zo breed mogelijk in de wereld van de beroepen, zodat zij na het vmbo een gerichte keuze kunnen maken in het MBO.

De modules zijn:

  • Module 1 Organiseren van een activiteit,
  • Module 2 Presenteren, promoten en verkopen,
  • Module 3 Een product maken en verbeteren,
  • Module 4 Multimediale producten maken.

Naast de profielmodules van D&P worden er ook twee keuzevakken aangeboden die passen in de werkomgeving van het eiland. Hierbij kan gedacht worden aan onderdelen van de horeca, zorg en welzijn en techniek.

Algemeen vormend onderwijs programma (avo)

De leerlingen volgen de volgende verplichte vakken: Nederlands, Engels, Duits, D&P, maatschappijleer, lichamelijke opvoeding en KV1. Loopbaanoriëntatie en begeleiding (LOB) is een verplicht onderdeel voor alle leerlingen.
Daarnaast moeten leerlingen ook nog kiezen uit de volgende keuzevakken:

  • wiskunde en economie
  • wiskunde en biologie
  • wiskunde en Nask1 (natuur- en scheikunde)
  • biologie en economie

Eind klas 3 maken de leerlingen de keuze of zij Duits behouden in klas 4 of toch uit het vakkenpakket halen.

In klas 3 start een leerling al met het opbouwen van een examencijfer. Het eindcijfer van klas 3 gaat dan ook mee naar klas 4. Uit welke onderdelen een schoolexamen bestaat wordt vastgelegd in een PTA (programma van toetsing en afsluiting).
De PTA’s voor vmbo 3 vindt u hier. Het PTA van klas 3 moet afgerond zijn voor dat de leerling over mag naar klas 4.

Vmbo 4

Het eindexamen jaar is een belangrijk jaar voor de leerlingen. Na 4 jaar kunnen zij gaan laten zien wat zij allemaal geleerd hebben en voldoende geleerd hebben om door te kunnen stromen naar het MBO.

Leerlingen doen examen in hun beroepsgerichte vak D&P. Daarnaast hebben zij 4 keuzevakken in de horeca, zorg en welzijn of techniek afgesloten. Het cijfer van D&P bestaat zodoende uit 2 cijfers; het beroepsgerichte vak en het gemiddelde van de 4 keuzevakken. Ook de AVO-vakken worden met een schriftelijk examen afgesloten. Als school hebben wij er voor gekozen om leerlingen van de OSG Duits als extra vak te laten kiezen. En gezien de toeristische situatie op het eiland wordt dit door een heel aantal leerlingen ook gekozen.

PTA en examen

Als het PTA met 100% is afgesloten, kan de leerling deelnemen aan het centraal schriftelijk examen (CSE). De PTA’s voor vmbo 4 vindt u hier. De laatste weken voor het CSE staan de lessen dan ook in het teken van examentraining.

Het uiteindelijke eindexamencijfer komt voor de meeste vakken tot stand door het gemiddelde te nemen van het schoolexamen en het centraal eindexamen.

Image

Downloads

PTO onderbouw VMBO

Examens VMBO B+K

VMBO nieuwsberichten

Image