Schoolkrant

Kom op hè!

‘Jullie zijn toch geen watjes?’

’Kom op hè, jij doet vwo!’, is iets wat wij als 4 vwo klas maar al te vaak horen krijgen. Als ikzelf of de groep ergens tegenop kijkt, tegenin gaat of vanaf ziet is, krijgen we altijd deze uitspraak naar ons hoofd geslingerd en daarmee is de discussie ook gelijk beëindigd. Met deze woorden wordt natuurlijk bedoelt: je bent niet voor niets op het ‘hoogste niveau’ geplaatst, gedraag je er ook naar!

Geen normaal gedrag?

Niets is te groot, te veel of te moeilijk voor jou, je hebt immers een IQ van 121. Het lijkt wel alsof elke docent dit maar al te graag als excuus gebruikt. Nee, er kan nog wel een schepje bij op dat afgeladen bord. Ja, ik weet dat je zei dat je vol zit, maar je bent een grote eter dus even een tandje bijzetten. En tijd om uit te buiken krijg je niet, want daar komt de volgende alweer die denkt dat we vanmiddag nog wel een extra opdrachtje kunnen afronden, voor de volgende les.
Maar puur omdat we in groep 8 op een bepaalde manier op een toets hebben gescoord, betekent dit niet dat we ook geen normale mensen zijn. Tieners, nota bene. jonge, wilde adolescenten die je normaal gesproken maar hun gang laat gaan vanwege hun puberbrein, maar omdat wij op het vwo zitten geldt dit blijkbaar allemaal niet. Hier bestaan domme vragen blijkbaar wel, en als je druk bent is er zeker iets mis met je want dat is geen normaal gedrag voor iemand op dit niveau. Maar ook wij zijn soms gewoon gedemotiveerd, of hebben behoefte aan even helemaal niks. En daar is niets mis mee.

Mentale problemen

Naast irritant, zijn uitspraken als deze en ‘Misschien hoor je hier wel helemaal niet thuis’ op de welverdiende tweede plek, ook nog eens schadelijk. Als een kind alleen maar wordt aangeleerd om altijd alles te geven omdat het anders niet ‘vwo-waardig’ is, dan kan het slechte gewoontes zoals faalangsten en obsessief gedrag ontwikkelen.
Mentale problemen waaronder een burn-out of angststoornis passen ook zeker in dit plaatje, wat ik ook zelf heb ervaren. Het is al vervelend genoeg dat wij niet mogen leren koken, en we zitten er niet op te wachten om ook nog eens overspannen aan onze algebra te moeten werken.

Opmerkingen van docenten

De manier waarop docenten praten over de verschillende stromingen zette mij ook aan het denken. ‘Ga anders naar vmbo’ of, ‘Straks heb ik al een vmbo-klas, dus als jullie je even naar je niveau zouden kunnen gedragen zou dat heel fijn zijn’.
Ten eerste is dit vreselijk stereotiep, het laat het klinken alsof alle mensen op het vmbo luid, vervelend en niet gemotiveerd zijn. Ik ken genoeg mensen die kader doen en keihard werken voor hun cijfers, of die strijden zodat ze iedere keer een 8 halen voor hun toets Engels. Vwo heeft niks te maken met motivatie, het gaat om hoe makkelijk je kunt leren. Iemand kan hoogbegaafd zijn en iedere keer zessen halen simpelweg omdat ze niet elke seconde van hun middag willen besteden aan het leren van toetsen, en een mavo-kandidaat kan dit juist weer heel belangrijk vinden.
En ten tweede, ik vind het nogal beledigend. ‘Jullie doen vwo, jullie zijn toch geen watjes?’, is een mooie die ik onlangs te horen kreeg. En kinderen die niet op het vwo zitten zijn dit zeker wel dan? Ik zie niet in waarom vmbo or mavo doen als minder gezien zou worden, en al helemaal door docenten. De kloof tussen vwo (de kakkers met een superioriteit complex) en vmbo (de lage groep die scheldt met ziektes) leerlingen is al zo groot, we moeten ze juist bij elkaar brengen, niet uit elkaar rukken door de zogenaamde verschillen te benadrukken.

Verschil

Al met al vind ik dat het anders moet. Sommige kinderen zijn nou eenmaal slimmer en ambitieuzer dan anderen, toch? In de praktijk is het zeker niet zo zwart-wit. Vmbo’ers met als doel naar de universiteit gaan, of vwo’ers die vuilnisman/vrouw willen worden, je hebt het allemaal. Wij op het vwo willen soms ook gewoon rust, of even lekker dwars zijn. Hun niveau zou hen daar niet van moeten weerhouden, en er zou al zeker geen beeld van een perfecte leerling moeten zijn, want ik kan je vertellen dat de helft daar niet aan voldoet maar wel tot verre, ongezonde lengtes zal gaan om dit te behalen.

Advies aan docenten

Behandel iedereen gewoon gelijkwaardig en met respect, dan kom je al een heel eind. Wees soms wat lakser en denk over ons ook eens: ach het zijn nog maar kinderen, we laten ze maar. Als we hulp nodig hebben, bied het dan, of je nou voor de ene klas staat of de andere. Ik roep alle docenten op om hun vwo-waardige excuses en argumenten voor zich te houden, en de kinderen te gaan zien voor wat ze zijn: kinderen.

Geschreven door: Jamila

Meer artikelen uit de schoolkrant: